Aan alle potentiële christelijke #homoambassadeurs van Nederland

Beste Maarten & Martijn,

Sorry hoor, neem me niet kwalijk dat ik jullie er even tussenuit pik. Niets persoonlijks. Maar ja, de één heeft zichzelf onlangs uitgeroepen tot hetero-christelijke homoambassadeur, terwijl de ander het dinsdag tot CIP.nl schopte met een blog over hoe om te gaan met homo’s in de kerk. Een onderwerp dat op CIP.nl – zoals gebruikelijk – een bommetje deed ontploffen onder de vaste reageerders. Maar dat even terzijde.

Homoambassadeursympathisant
Het is wellicht onterecht dat ik jullie nu een beetje op één hoop gooi. Ik heb ook werkelijk geen idee of jullie gedachten over homoseksualiteit an sich verder veel met elkaar overeenkomen. Wat wel duidelijk is, is dat jullie beiden een lans willen breken om het thema ‘homoseksualiteit’ op een positieve manier onder de aandacht te brengen binnen de kerk. Een nobel streven. En jullie zeggen ook beiden – weliswaar in jullie eigen woorden – dat het belangrijk is om niet alleen over, maar vooral ook met christelijke homoseksuelen te praten.

Goed. Ik voldoe niet helemaal aan het profiel: ik ben wel homo, maar geen christen. Wel ex-christen. En tijdelijk zelfverklaard #heterochristelijkehomoambassadeursympathisant.

Ik heb me hoe dan ook vrij gevoeld om wat verschillende gedachten die jullie – geheel los van elkaar – op verschillende plekken het wereldwijde web in hebben geslingerd, willekeurig eruit te pikken en daar van mijn kant wat willekeurig geleuter aan toe te voegen.

Gewoon, omdat het kan. 🙂

rainbow

homoambassadeur_buttonIk weet niet hoe ‘moedig’ het is van mij om te roepen dat ik homo-ambassadeur word.
Maarten

Dat weet ik ook niet. Maar mochten de reacties onder dit artikel op CIP.nl een realistische kijk geven op het gemiddelde christelijke gedachtengoed m.b.t. dit onderwerp, dan ben je inderdaad een onvolprezen held. En wens ik je vooral enorm veel succes toe. En sterkte. En liefde. En geduld. En een dikke huid. Vooral een hele dikke huid.

Overigens voel ik wel een lichte buikpijn opkomen bij het woord #homoambassadeur. En ik zit nu al een tijdje na te denken over de vraag waarom precies. Misschien heeft het iets met het volgende te maken:

De kerk mag de plek zijn waar homo’s zich geaccepteerd en geliefd mogen voelen. (…) Juist de kerk mag een plek zijn van acceptatie en openheid. Sterker nog, de Bijbel legt vaak het beeld neer dat in een lichaam juist de meest kwetsbare delen de meeste zorg krijgen. Hoe is dat in de kerk? Krijgen homo’s ook die extra zorg en liefde?
Martijn

De grootste uitdaging lijkt me dan ook: een sfeer en een plek creëren in elke kerk, waar LHBT’ers zich veilig genoeg voelen om uit de kast te komen. Waar we luisteren naar hun verhaal, en er voor ze zijn. Waar we hun vragen serieus nemen, en samen met hen op zoek gaan naar hoe zij hun leven kunnen en willen invullen.
Maarten

Dit is allemaal hartstikke goed bedoeld natuurlijk, maar voor mij – als homo – versterkt dit vooral het idee dat er blijkbaar toch iets heel erg mis moet zijn met mij. Hoezo behoor ik tot de meest kwetsbare delen van het geestelijk lichaam? Waarom heb ik extra zorg en liefde nodig? Waarom moet jij samen met mij op zoek gaan naar hoe ik mijn leven zou kunnen en willen invullen? Heb je niks beters te doen?

Als kerken en christenen moeten we met een juiste houding om homo’s en lesbiennes heen staan.
Martijn

Nee!! Laat me door! Aan de kant! Ksst! Wegwezen!

homoambassadeur_buttonNormalisatie
Als jij vindt dat homo’s als gewone, gelijkwaardige gemeenteleden moeten kunnen functioneren, benader ze dan als gewone, gelijkwaardige gemeenteleden. Simpel, klaar. Het zijn namelijk gewoon mensen. Die net als hetero’s op kunnen komen voor kwetsbare leden in de gemeente. Die prima in staat zijn een veilige plek te creëren voor anderen die dat nodig hebben. Die evengoed met jou van gedachten kunnen wisselen over hoe jij jouw leven zou kunnen en willen invullen.

Uiteindelijk begint het gewoon met de vraag hoe je zelf over homoseksualiteit denkt. Daar ontkom je niet aan. Als je namelijk gelooft dat er niets mis mee is – althans, niet in bijbels of anderszins geestelijk opzicht – is het ook niet logisch om op te komen voor de ‘kwetsbare leden’ binnen jouw kerk, of om homo’s ‘extra zorg en liefde’ te geven. In dat geval zou ik vooral kiezen voor normalisatie. Dat doe je niet zozeer door het plakken van een regenboogbutton met ‘homoambassadeur’ op je profiel (hoewel ik daar best met een knipoog naar kan kijken en ook wel het statement erachter begrijp) of door LHBT’s te vertroetelen als mensen die extra zorg en aandacht nodig hebben.

Normalisatie bereik je door er gewoon normaal over te doen. Door het eenvoudig opdoen en delen van kennis. Door mensen te bevragen, vreemde denkbeelden aan de kaak te stellen en onjuiste informatie te vervangen door de juiste. En door je niet meteen in je koffie te verslikken als iemand je laat weten homoseksueel te zijn.

o-CHURCH-SIGN-SOME-PEOPLE-GAY-facebook

Seksuele identiteit 
Maar als je nou wél gelooft dat er – al dan niet namens God en/of de Bijbel – iets mis is met homoseksualiteit? Tja. Dan wordt het ook lastig om iemands homoseksualiteit te accepteren en de persoon in kwestie niet als ‘zorgenkindje’ te benaderen. Je kunt iemand namelijk moeilijk scheiden van zijn of haar seksuele identiteit. Je seksuele identiteit gaat namelijk niet alleen over wat je in je slaapkamer uitspookt. Het gaat om meer dan dat – het gaat om wie je bent. Je seksuele identiteit heeft invloed op vele facetten van je denken, doen en laten. En dat geldt voor zowel homo- als heteroseksuele mensen.

Iemand is niet in de eerste plaats homo, maar kind van God. Of je nu homo of hetero bent: daar hangt je identiteit niet van af. We zijn allemaal allereerst mensen die stuk voor stuk gemaakt en geliefd zijn door God.
Martijn

Wat mij betreft dus een typisch christelijke dooddoener. Natuurlijk, als christen geloof je dat je gemaakt en geliefd bent door God, en dat je identiteit in Christus ligt. Maar dat doet hier helemaal niet ter zake. In Christus is er ook geen onderscheid tussen man en vrouw, maar toch zijn er heel wat bijbelverzen gewijd aan het verschil tussen beide seksen.

Stel je voor dat ik het woordje homo hier zou vervangen door vrouw. “Iemand is niet in de eerste plaats vrouw, maar kind van God. homoambassadeur_buttonOf je nu man of vrouw bent: daar hangt je identiteit niet van af.” Dat klinkt – binnen het concept van ons dagelijks leven hier op aarde – vrij onnozel. Immers, zoals iedereen weet is onze identiteit als man of vrouw niet onbelangrijk in dit aardse leven. En dat geldt zeker ook voor je seksuele identiteit – welke onlosmakelijk is verbonden met je man- of vrouwzijn.

Een makkelijk onderwerp is het niet.
Martijn

Dat heb ik ook ruim 20 jaar gedacht. Tot ik mijn geloof en oude denkbeelden losliet en het vervolgens allemaal toch een heel stuk simpeler in elkaar bleek te zitten dan ik dacht.

Maar erger nog: voor homo’s en lesbiennes zelf is de kerk een plek waar ze eerder weggaan dan dat ze zich er welkom voelen.
Martijn

Klopt. En ik ben blij dat ik er weg ben gegaan. En ook blij dat ik van mijn geloof gevallen ben. Ik had dat echt nodig om meer tot mezelf te komen en vooral: los te komen van wat anderen denken over hoe ik zou moeten zijn. Want dáár begint het homoambassadeur_buttonprobleem: de christelijke plicht om de ander te vormen naar onze interpretatie van hoe God naar mensen kijkt.

In de wereld waarin ik nu leef ben ik zelf verantwoordlijk voor mijn eigen denken, doen en laten, en de ander is dat ook. Natuurlijk kan ik oordelen over iemand anders, maar dat oordeel treft in de eerste plaats vooral mezelf: het is mijn gedachte over wie die ander is en hoe hij of zij in elkaar steekt.

Waar het om draait
Maar in de kerk leerde ik niet alleen verantwoordelijk te zijn voor mijn eigen denken, maar ook voor dat van anderen. En vooral: verantwoording over mijn denken, doen en laten af te leggen. Onderwerping aan elkaar, het aanpassen aan hoe ik dacht dat anderen mij zagen – ik heb jarenlang niet beter geweten.

En volgens mij is dát waar het om draait. Als ik als christen zou kunnen zeggen: “Ik begrijp dat u gelooft dat homoseksualiteit een gruwel is in Gods ogen, maar ik zie er zelf geen enkel probleem in om geregeld een potje te rampetampen met eh… hoe heet ‘ie ook weer… nou ja goed, en we hebben trouwens een open latrelatie maar dat even terzijde”, en vervolgens nog gewoon bij het avondmaal mag aanschuiven, is er m.i. niet zoveel aan de hand.

Maar zo werkt het in de praktijk natuurlijk niet.


Ten-Gay-Strategies-in-the-Church
Er is een duivels, strategisch plan in werking gesteld om de kerk langzaam maar zeker te infiltreren met acceptatie van homoseksualiteit.

De kerk ziet zichzelf als een plaats waar we verantwoordelijk zijn voor elkaar, waar we elkaar aanspreken op ons doen en laten en waar zonden collectief buiten de deur worden gehouden. En daarom moeten we een helder overzicht hebben van wat zonde is en wat niet. Zodat we elkaar de maat kunnen nemen, om alles wat goed is binnen, en alles wat fout is buiten te sluiten. Volgens mij is dat de kern van de zaak, en niet zozeer het omgaan met homo’s op zich. Want vandaag gaat het om homoseksualiteit, morgen gaat het weer om iets anders.

De kerk is geen plek waar je zelf verantwoordelijkheid kunt nemen om te leven zoals het jou goeddunkt. En dat is één van de redenen waarom ik er liever niet meer kom.

Ik ben nu één week uit de kast als particulier ‘homo-ambassadeur’, en de reacties die ik krijg zijn tot nu toe ronduit positief. (…) Maar ik was vooral ook blij met de toffe reacties van mensen uit mijn eigen gemeente. Inclusief een afspraak met iemand uit het leiderschapsteam om er eens over door te praten met een paar mensen die ook betrokken zijn op het onderwerp.
Maarten

Dat is top. En ik ben serieus benieuwd naar het vervolg.

En o ja: ik zal het voortaan wat vaker hebben over LHBT’ers. Want dat heb ik ook geleerd de afgelopen weken: Lesbiennes, Homo’s, Biseksuelen en Transgenders hebben behoefte aan deze term, omdat die inclusief is. En dit verhaal gaat natuurlijk over iedereen die niet voldoet aan de heteroseksuele ‘norm’.
Maarten

Klopt!

Rainbow_flag_breeze21LHBT
Transgenderisme en genderdysforie zijn toch andere gespreksonderwerpen dan seksuele geaardheid, maar ook biseksuelen en lesbiennes voelen zich vaak niet thuis onder de noemer ‘gay’ of ‘homo’. De termen ‘homo’ en ‘homoseksueel’ verwijzen ook gevoelsmatig eerder naar mannen – bij vrouwen gebruikt men vaker de term ‘lesbienne’ of ‘lesbisch’. Sowieso valt het me in discussies vaak op dat – wanneer de term homoseksualiteit valt – het bedrijven van bepaalde vormen van herenliefde blijkbaar het meest tot de verbeelding spreekt het eerste is waar mensen aan denken.

Hoe dan ook: des te meer een reden om de term ‘LHBT’ te gebruiken. Zijn we ook meteen van die ‘homoambassadeur’ af. 😉 


UPDATE
De actualiteit gaat weer eens sneller dan mijn tien vingers kunnen bijhouden: nog vóór ik mijn artikel goed en wel heb opgeslagen heeft Maarten zichzelf al omgedoopt tot #LHBTambassadeur. Thumbs up!  👍

Advertenties

36 gedachten over “Aan alle potentiële christelijke #homoambassadeurs van Nederland”

  1. Ik denk dat Bokkepoot in zijn analyse de werkelijkheid probeert te ontlopen. Homo is bij scholieren een scheldwoord, net als rood haar e.d.
    Het is normaal dat je gaat samenleven met een persoon van het andere geslacht en na een aantal jaren kinderen krijgt. Als je daarvan afwijkt heb je wat uit te leggen, niet alleen in de orthodox christelijke wereldje.
    Toen ik in Amsterdam op mijn werk vertelde dat ik ging trouwen, maar bewust geen kinderen nam, had ik wat uit te leggen, nl. waarom ik dan toch geen trouwen? Toen ik naar de huisarts ging voor een verwijzing naar de uroloog had ik ook wat uit te leggen en terecht!
    Iedere subcultuur heeft zo’n zijn eigen normen en waarden. Wat te denken als je 10 kinderen hebt, dan heb je tegenwoordig ook wat uit te leggen.
    De meeste kinderen groeien op met een vader en een moeder. Die hebben daar meestal bewust voor gekozen. Dan is het logisch dat ze onbewust verwachten dat jij die keuze ook maakt. Dat heeft niets te maken dat de ouders willen dat je niet zelf een bewuste keuze maakt. Maar wijkt die af van het verwachtingspatroon dan heb je wat uit te leggen.
    Een geloofsgemeenschap werkt net als de samenleving. In orthodox RK kring had je wat uit te leggen als een zoon niet naar het klooster ging, nu heb je uit leggen waarom wel. In de jaren 60 was je progressief als je een pornoshop begon, 10 jaar later als je er een baksteen door de etalage ruit gooide.
    Tot slot: In Ierland was het normaal dat je tegen het homohuwelijk was en is twee derde voor. Laten we ons vooral blijven verantwoorden wat we doen, dan kan er zomaar een proces op gang komen waarop meningen van anderen gaan schuiven. Maar dat proces is soms erg pijnlijk voor beide partijen.

  2. @dsdre

    Ik vermoed dat je ergens in mijn verhaal de verkeerde afslag genomen hebt. Wat je zegt ben ik het namelijk allemaal best mee eens. En wie mij kent weet dat ik sowieso aardig ‘heteronormatief’ ben ingesteld. Ik vind het homohuwelijk geen vanzelfsprekendheid, al sta ik er inmiddels wel achter. En ik heb er ook geen enkel probleem mee mijn doen en laten te verantwoorden als ‘afwijkend’ van een bepaalde norm. Als je me af en toe een beetje volgt zou je dat onderhand wel weten.

    Toch is er een groot verschil tussen enerzijds elkaar bevragen – en jezelf verantwoorden – en anderzijds voor een ander bepalen wat wel of niet kan. In mijn beleving is dat het cruciale verschil tussen binnen en buiten de kerk – althans, in mijn leven. Natuurlijk kan ik vinden dat iets niet kan, maar ik kan dat niet aan een ander opleggen. En dat is wél wat er in de kerk gebeurt. En dat is wat ik – onder meer – aangeef.


    Wat ik verder probeer te verwoorden is dat er juist binnen de kerk – als reactie op het feit dat homoseksuelen juist hier lange tijd voor notoire zondaars en halve zedendelinquenten werden aangezien – de neiging kan ontstaan om de homo als slachtoffer neer te zetten. En daarom zeg ik, dat als je gelooft dat er niets mis is met homoseksualiteit, je beter kunt werken aan een stukje normalisatie. Dat is geen vanzelfsprekendheid, maar wel een keuze die je kunt maken.

    Laten we ons vooral blijven verantwoorden wat we doen, dan kan er zomaar een proces op gang komen waarop meningen van anderen gaan schuiven.

    Volgens mij sluit dat precies aan bij hoe ik het heb verwoord?

  3. @Bokkepoot.

    “De kerk ziet zichzelf als een plaats waar we verantwoordelijk zijn voor elkaar, waar we elkaar aanspreken op ons doen en laten en waar zonden collectief buiten de deur worden gehouden. En daarom moeten we een helder overzicht hebben van wat zonde is en wat niet. Zodat we elkaar de maat kunnen nemen, om alles wat goed is binnen, en alles wat fout is buiten te sluiten. Volgens mij is dat de kern van de zaak,”

    Ik heb gereageerd op deze stelling. Hier neem jij een afslag die ik niet volg. De kerk is veel groter dan de beperkte orthodoxe vleugel die jij hier beschrijft. Ik zit in dat deel van de kerk waar mensen elkaar in alle openheid bevragen, waar we weten dat we de zonden niet buiten de deur kunnen houden, we niet helder hebben wat nou zonde is en wat niet en daarom met elkaar in gesprek gaan. Ik kom dat vrij breed in de kerk tegen, dus kan ik me niet vinden in jouw stelling.
    De reacties op het cip zie ik zelfs niet meer als maatgevend voor de orthodoxe stroming, ook daar merk ik dat de stellingen worden verlaten, dat roept bij sommigen nog een hoop weerstand op.

  4. @dsdre

    Ik begrijp je.

    Maar in dat geval is je kritiek dus dat ik een te eenzijdig beeld heb van de kerk. Dat is iets anders dan ‘proberen de werkelijkheid te ontlopen’, een uitspraak die me eerlijk gezegd nogal kwetst omdat het haaks staat op hoe ik het leven beleef. Ik hou niet vast aan één bepaalde werkelijkheid en merk dat ik eerder de neiging heb niet te kunnen kiezen tussen verschillende invalshoeken op die werkelijkheid. Alles heeft ook een andere kant. Maar dat verder terzijde.

    De kerk is veel groter dan de beperkte orthodoxe vleugel die jij hier beschrijft.

    Dat klopt, en dat weet ik. En eerlijk gezegd had ik deze – terechte – kritiek ook wel al een beetje verwacht toen ik het opschreef.

    Natuurlijk schrijf ik vanuit mijn eigen ervaring. Daarbij richt ik mij in eerste plaats op Maarten en Martijn, die beiden duidelijk schrijven vanuit een cultuur waarin het dus *niet* vanzelfsprekend is om op een open manier over homoseksualiteit te praten en te denken.

    Zelf ben ik opgegroeid in de evangelische vleugel, en het laatste wat ik me over het thema homoseksualiteit kan herinneren waren de oudsten die om me heen stonden om me van een paar demonen te bevrijden.

    En nee, natuurlijk is CIP.nl niet maatgevend. Het is een vast kliekje dat daar reageert. Die verwijzing was ook ironisch bedoeld. Ironisch met een diepe onderhuidse zucht, dat dan weer wel.

    Maar goed: kern van wat ik wilde verwoorden is het eenvoudige gegeven dat in vrijwel alle orthodoxe kerken waar IK gekerkt heb (van charismatisch pinkster tot zwarte kousen en nog een aantal gradaties ertussen) de bijbel als gezaghebbend werd gezien, en vanuit DIE gezaghebbendheid mij werd voorgehouden hoe ik zou moeten leven. En dat de vrijheid die we op dat punt nog wél hadden werd omgeven door heftige discussies tussen oudsten en voorgangers onderling en de daaruit volgende zoveelste kerkscheuring.

    Ik zit in dat deel van de kerk waar mensen elkaar in alle openheid bevragen, waar we weten dat we de zonden niet buiten de deur kunnen houden, we niet helder hebben wat nou zonde is en wat niet en daarom met elkaar in gesprek gaan.

    Fantastisch. En dat meen ik. En jammer dat ik dat blijkbaar volledig gemist heb in de kerkelijke omgeving waarin ik heb verkeerd.

  5. Natuurlijk weet ik dat er kerken zijn die het samenleven van Homo’s veroordelen… Maar wat ik dan weer niet snap is: waarom daar dan blijven, en uiteindelijk er je geloof door verliezen, terwijl er ook kerken zijn waar ze er geen moeite (meer) mee hebben, en waar ook Homo’s en Lesbiennes, al dan niet samenwonend/gehuwd predikant kunnen zijn en waar je gewoon welkom bent? Je blijft toch ook niet je boodschappen doen bij een supermarkt waar ze bedorven voedsel verkopen, waar je ziek van wordt?! Waarom niet verder gekeken dan je neus lang is, en het geloof behouden? Scheelt een berg frustraties! Noemen ze ook wel psychhygiëne!

  6. @Bokkepoot.

    Ik denk dat de reactie van Ettje een fellere onderbouwing is van mijn eerste zin de werkelijkheid ontlopen. Je stellingname ging over de kerk en er zat/zit geen nuance in. Het spijt me oprecht dat je een open gesprek in de kerk hebt gemist en ik ga niet zover dat je opzettelijk daar niet naar hebt gezocht. (Dat proef ik een beetje uit de reactie van Ettje) Het is me wel een raadsel dat je zo’n open gesprek in de kerk nooit hebt gevonden. Wellicht door je orthodoxe opvoeding allergies voor al wat niet orthodox is. Je reactie naar de homoambassadeurs is nog steeds eenzijdig, kort door de bocht verlaat de kerk. Echter je laatste reactie naar mij toe gaat gelukkig stukken dieper. Je hebt een open houding in de kerk gemist. Daaruit spreekt pijn en dat snap ik. Maar dat mag geen reden zijn alle kerken(mensen) af te serveren.

  7. @Ettje

    Ik had de kerk al definitief verlaten, jaren voor ik uit de kast sprong. Er is zeker wel een verband tussen het loslaten van mijn geloof en het ‘omarmen’ van mijn homoseksuele identiteit – het vond tegelijkertijd plaats – maar niet in de zin dat ik mijn geloof losliet om homoseksueel te kunnen zijn.

    Overigens zou ik nu – als christen – nog steeds moeite hebben om mijn homoseksualiteit te plaatsen in het licht van de Bijbel. Dus als ik de Bijbel daadwerkelijk als gezaghebbend Woord van God zou beschouwen, zou ik evengoed nog tegen een aantal ‘geestelijke zaken’ aanlopen. En dan niet zozeer vanwege allerlei vermeende Bijbelse ‘verboden’ m.b.t. homoseksualiteit – die vaak voor meerdere uitleg vatbaar zijn – maar meer t.a.v. bijbelse concepten m.b.t. man en vrouw en seksualiteit. Een homoseksuele of lesbische voorganger zou daar niet veel in veranderen, vrees ik.

    Tegelijkertijd: al zou blijken dat voor mijn part Jezus zelf homo was en er eigenlijk ‘Adam en Evert’ in de grondtekst staat, dan nóg zou ik geen reden zien om ‘weer te gaan geloven’. Mijn homoseksualiteit was wel de trigger, maar niet zozeer de reden van mijn geloofsafval.

  8. @dsdre

    Je reactie naar de homoambassadeurs is nog steeds eenzijdig, kort door de bocht verlaat de kerk.

    Ah nee, dat is dus *echt niet* wat ik wil zeggen. Ik denk dat je de context mist. Of ik moet die beter verduidelijken, dat kan ook. 😉

    Ik moet nu echt weg, kom er later uitgebreider op terug.

  9. @dsdre

    Ik denk dat de reactie van Ettje een fellere onderbouwing is van mijn eerste zin de werkelijkheid ontlopen. (…) Het spijt me oprecht dat je een open gesprek in de kerk hebt gemist en ik ga niet zover dat je opzettelijk daar niet naar hebt gezocht. (Dat proef ik een beetje uit de reactie van Ettje)

    Ik lees @Ettjes reactie meer als een losse verzuchting (“maar waarom ga je niet gewoon naar een andere kerk?”), naast mijn verhaal.

    Maar jouw opmerking m.b.t. ‘de werkelijkheid ontlopen’, gevolgd door een korte cursus maatschappijleer over wat wel of niet als normaal wordt geaccepteerd in onze samenleving, kwam een beetje bij me binnen alsof ik (even chargerend) zou roepen dat we nu toch wel in de 21e eeuw leven, dat het belachelijk is dat homoseksualiteit nog niet overal als normaal wordt beschouwd, dat ik me niet wil storen aan wat andere mensen van mij denken en dat de kerk geen visie zou mogen hebben op homoseksualiteit.

    Dat staat dus haaks op wie ik ben en waar ik met dit schrijven heen wilde. Maar… misschien was dit op mijn beurt weer een totaal verkeerde interpretatie van jouw woorden. 😉

    Je stellingname ging over de kerk en er zat/zit geen nuance in.

    Dat klopt, maar nuance valt hier buiten de context van wat ik schrijf. Mijn doel was niet een evenwichtig beeld te schetsen van hoe het er aan toe gaat in verschillende kerken. Het doel was weer te geven wat naar mijn idee de achterliggende oorzaak is van ‘het homoprobleem’ binnen de orthodoxe kerk dat door Maarten en Martijn aan de kaak wordt gesteld.

    Je reactie naar de homoambassadeurs is nog steeds eenzijdig, kort door de bocht verlaat de kerk. Echter je laatste reactie naar mij toe gaat gelukkig stukken dieper. Je hebt een open houding in de kerk gemist. Daaruit spreekt pijn en dat snap ik. Maar dat mag geen reden zijn alle kerken(mensen) af te serveren..

    Ik denk dat je dat afserveren leest waar het niet staat. Zeker niet in mijn boodschap naar Maarten en Martijn toe.

    Mijn persoonlijke reactie aan Maarten en Martijn richt zich in eerste instantie op de manier waarop ze zich heel sterk richten op ‘de homo’ die onze zorg en liefde nodig heeft. Met hun woordkeuze (homoambassadeur, extra zorg en liefde nodig, meest kwetsbare delen van het lichaam, om de homo heen gaan staan) bevestigen ze min of meer het probleemgehalte van ‘homo zijn’ binnen de orthodoxe kerk. Dat probeer ik met een knipoog bloot te leggen.

    Mijn scherpe toon daarbij is vooral ironisch bedoeld. Natuurlijk is het goed een veilig klimaat te creëren waarin mensen zich veilig voelen om uit te komen voor datgene waarin ze min of meer ‘buiten de groep’ dreigen te vallen. Veel christelijke homo’s worstelen jarenlang met zichzelf, en ik snap best dat er situaties zijn waarin het hartstikke goed is om deze mensen wat ‘extra zorg en liefde’ te geven of ‘om ze heen te gaan staan’. Of om ‘samen te kijken hoe ze hun leven kunnen invullen’. Punt alleen is dat dat dan niet is vanwege hun seksuele geaardheid an sich, maar vanwege hun worsteling daarmee. Een worsteling die echter niet zelden begint bij de worsteling van hun omgeving…

    Maar er zijn ook mensen die helemaal niet worstelen met hun homoseksualiteit. Ook binnen de kerk. Of mensen, zoals ik, die al een hele tijd terug zijn gestopt met worstelen. En die dan toch even lichtjes een wenkbrauw optillen bij een enthousiaste campagne met homoambassadeur-regenboogbuttons, of bij een artikel met ‘6 tips voor een juiste houding richting homo’s’.

    Tegelijkertijd heb ik de indruk, dat Maarten en Martijn juist zoeken naar een stukje normalisatie binnen hun kerk. Bij Martijn weet ik het nog niet helemaal, maar van Maarten begrijp ik dat hij fervent voorstander is van het homohuwelijk, en dat hij het eigenlijk maar raar vindt dat er zo moeilijk over homoseksualiteit wordt gedaan binnen zijn kerkelijke gemeente. En daar haak ik dus op in: als je op zoek bent naar normalisatie, probeer dan niet zelf de andere kant op te schieten door homo’s te gaan vertroetelen – een begrijpelijke tegenreactie op de negatieve houding naar homo’s binnen de orthodoxe kerk. Homoseksualiteit is een afwijking van de norm. Het is niet ‘normaal’, in elk geval niet in statistische zin. Dus de manier van benaderen en de woordkeuze daarbij van zowel Maarten als Martijn, is volkomen logisch. Maar ook weer niet zó logisch dat ik er niet een beetje in mag prikken. 😉

    Vervolgens stuit ik op de opmerking van Martijn dat homo’s, vanwege hun worsteling met de kerk, deze kunnen verlaten. Daar haak ik op in. En constateer heel feitelijk dat ik nu een leven leef waarin mensen mij best kunnen bevragen en evengoed over mij kunnen oordelen (en ik over hen), maar niet meer in afdwingende vorm. En ja, dan kom ik dus bij datgene wat volgens mij de kern van het hele ‘homoprobleem’ is waar zowel Maarten als Martijn mee worstelen:

    In de orthodoxe kerk wordt Gods Woord als gezaghebbend voor leer en leven beschouwd. Niet inspirerend, niet richtinggevend… nee: gezaghebbend. En over die kerk heb ik het, in lijn met (en wat mij betreft de kern van) de rest van het hele verhaal naar Maarten en Martijn. Want wat zij beiden in wezen blootleggen is niet het probleem van homoseksualiteit an sich, noch het probleem van het homo zijn. Wat zij in de kern blootleggen is de weerstand van de orthodoxe kerk – de kerk waarin zij zich bevinden – t.o.v. homoseksualiteit. Een weerstand die uiteraard een maatschappelijke, sociale component heeft – het wijkt af van de norm – maar die in het geval van Maarten en Martijn zeer waarschijnlijk ook ingebed is in wat de Bijbel over het huwelijk, seks en dergelijke te vertellen heeft. Volgens hun kerk, dan. Het gaat uiteindelijk helemaal niet om de poppetjes (de homo’s), het gaat om de kerkelijke visie op homoseksualiteit.

    Wat je mij zou kunnen verwijten is dat ik ‘de kerk’ in mijn artikel niet duidelijk afbaken als orthodoxe kerk, of: de kerk die Gods Woord als absoluut gezaghebbend voor leer en leven ervaart. Aan de andere kant: dat is duidelijk wel de kerk waarin Maarten en Martijn zich begeven, gezien hun eigen manier van het verwoorden van de situatie.

    Want in jouw kerk, @dsdre, had je waarschijnlijk ook geen homoambassadeurs nodig, of 6 tips voor een juiste houding richting homo’s.


    Mijn stuk over de rol van de kerk is dus puur een analyse m.b.t. hetgeen Martijn en Maarten – terecht en vanuit een goed hart – proberen aan te kaarten. Waarbij ik met ‘de kerk’ dus de orthodoxe kerk bedoel die gewend is te vertellen hoe mensen moeten leven naar Gods wil, en die gewend is dat leden daar ook rekenschap over afleggen naar elkaar.

    Tenslotte: mijn opmerking…

    De kerk is geen plek waar je zelf verantwoordelijkheid kunt nemen om te leven zoals het jou goeddunkt. En dat is één van de redenen waarom ik er liever niet meer kom.

    …. is voor eigen rekening, en zeker geen oproep aan Maarten en Martijn om hetzelfde te doen.

  10. Onderstaande reactie heb ik op mijn beurt weer onder Martijns reactie op zijn eigen weblog geplaatst. Omdat ik wat dieper inga op een aspect wat ik hierboven al genoemd heb, plaats ik het ook hieronder.


    Hoi Martijn!
    Leuk dat je op jouw beurt weer hebt gereageerd op mijn blog. Je geeft een aantal verhelderende aanvullingen. Er zullen altijd wel nuanceverschillen blijven in hoe jij en ik tegen dit thema aankijken en hoe je dat onder woorden brengt, maar in grote lijnen begrijp ik je bedoelingen en intenties en heb ik daar verder ook niet zo veel meer op in te brengen. Met uitzondering van één dingetje. Mag ik daar nog even kort veel te uitgebreid op reageren? 🙂

    Wat ik heb willen neerzetten is waar primair je identiteit in gelegen is. Daarmee zeg ik niet dat er geen seksuele identiteit is, of dat het andere er niet toe doet; het punt ging over wat er m.i. als eerst komt. Wanneer iemand die keuze primair maakt rondom zijn/haar seksuele geaardheid, zegt diegene daarmee: ik ben in de eerste plaats homo of hetero. Een volgende stap kan dan zijn dat men daarin dan het verschil benadrukt, zich vooral verbonden voelt naar mensen met een gelijke seksuele geaardheid en zich opstelt in een ‘wij’-‘zij’ houding.

    Ik begrijp wat je zegt, en met wat je er in de hieropvolgende alinea’s nog meer over schrijft ben ik het volledig eens. Maar toch blijft er ergens nog iets wringen bij mij.

    Door hoe je hier het een en ander verwoord lijk je – waarschijnlijk onbedoeld – een soort verband te trekken tussen je ‘identiteit in Christus’ en je ‘seksuele identiteit’. Alsof het twee tegenover elkaar gestelde identiteiten zijn. Maar dat verband is er helemaal niet. Althans, niet meer dan tussen je identiteit in Christus en rood haar of sproeten hebben, je identiteit in Christus en linkshandig zijn, of je identiteit in Christus en dol zijn op spruitjes.

    Je identiteit in Christus staat niet tegenover je seksuele identiteit, maar tegenover de identiteit van de ongelovige, of de goddeloze, of je oude mens, of leven zonder de Geest, of zonder eenheid in Christus, of… hoe jij het ook invullen wilt. Je seksuele identiteit daarentegen definieert gewoon een groot deel van wie je bent op deze aardkloot, zoals ook je genderidentiteit (man/vrouw) definieert wie je bent. Er is maar één Martijn, en je bent zowel voor jezelf als ook voor de mensen om je heen – christen of niet – wel degelijk ‘in de eerste plaats Martijn’. En je seksuele identiteit (wat ik min of meer zou definiëren als de overkoepeling van genderidentiteit en seksuele oriëntatie) vormt m.i. een van de meest onderscheidende kenmerken van hoe Martijn zich definieert tussen andere mensen. Wat dat betreft denk ik dat je seksuele identiteit sowieso al snel op de eerste plaats komt, ook als je het er zelf helemaal niet neerzet.

    Kun je me volgen?

    Dat ik nu zo ontzettend aan het mierenziften ben heeft een reden. Ondanks dat jij hier in dit verband zowel de homo- als de heteroseksuele identiteit benoemt, zijn het in de praktijk vooral homo’s die het stempel krijgen alles aan hun seksuele identiteit op te hangen. Alsof alleen zij het zijn die ‘in de eerste plaats homo zijn’ en zich daarin als het ware willen onderscheiden. Hoewel ik denk dat dit idee ook weer niet helemaal uit de lucht komt vallen (het hoe en waarom laat ik nu even terzijde), denk ik dat dit voor een niet onbelangrijk deel bepaald wordt door het perspectief van de heteroseksueel. Die heeft zelf evengoed een seksuele identiteit die in vrijwel alles wat hij denkt, zegt, voelt en doet een rol speelt. Alleen, omdat de hele wereld uit overwegend heteroseksuele mannen en vrouwen bestaat, valt het pas op wanneer iemand daar vanaf wijkt, en versterkt dat de ervaring dat juist homo’s hun seksuele identiteit zo profileren.

    Voorts ben ik binnen het christelijke gedachtegoed teveel variaties op dit thema tegengekomen, waarbij ik mij als christen niet mocht identificeren met een ‘homoseksuele identiteit’, omdat ik in Christus een ‘nieuwe identiteit’ had gekregen. En christen of geen christen: in beide gevallen denk ik dat dat een misvatting is.

    En echt, ik weet ook heus wel dat jij dit allemaal niet zo bedoelt. Dat blijkt ook helder uit wat je verder schrijft:

    Door als christenen je identiteit primair in Christus te zoeken, benadruk je daarmee niet elkaars verschillen, maar juist datgene wat je samenbindt: er blijft alleen een ‘wij’-houding over. Als die verbinding er eerst is en ziet dat je daarin allemaal gelijk aan elkaar bent, komen gesprekken ook in een ander licht te staan (en vanuit dat vertrekpunt kun je vervolgens gaan kijken naar je seksuele identiteit).

    Dat mis ik nu nog wel eens in kerken en onder christenen. Het thema ‘homoseksualiteit’ komt naar voren en mensen verkrampen, komen tegenover elkaar te staan en zien het als een groot probleem. Ik denk dat die reactie niet nodig is, juist door je verbondenheid te zien in Christus. Ga daar allereerst met elkaar over in gesprek.

    Ondanks dat ik zelf geen gelovige meer ben kan ik mij prima vinden in wat je hier schrijft. Ik denk dat je hier ook beter uitdrukt wat je bedoelt, namelijk dat je eerst de eenheid in Christus zoekt – je bent in de eerste plaats christen, daarin ben je allemaal gelijk aan elkaar, zonder onderscheid of ‘aanziens des persoons’ – en vervolgens praten we vanuit die basis verder. Dat kan zijn over je seksuele identiteit, maar ook over heel andere dingen waarin mensen van elkaar kunnen verschillen.

    Ik heb willen pleiten voor een stuk normalisatie in de kerk over dit onderwerp. Door met hen in gesprek te gaan, van elkaar te leren en men van juiste informatie te voorzien. Maar tegelijk ook over alle facetten van het leven te praten. Om hen positief te waarderen en te zoeken naar de verbinding. Tegelijk merk ik dat de woordkeuze hier en daar dat beeld niet altijd even duidelijk naar voren heeft gebracht en dat vind ik oprecht jammer.

    Maak je geen zorgen. Ik heb echt geen seconde getwijfeld aan jouw of Maartens intenties. En wil ik alsnog graag even benadrukken dat ik absoluut waardering heb voor waar jullie – allebei op jullie eigen manier – mee bezig zijn.

    Met mijn blog wilde ik gewoon een beetje schudden aan de manier waarop jullie een en ander onder woorden brengen. Als ex-christen heb ik namelijk wel het idee hier en daar wat ‘christelijke denkpatronen’ terug te herkennen achter de manier hoe jullie je uitdrukken. En ja, daar schop ik dan graag een beetje tegenaan.

    Maar ook weer niet te hard natuurlijk. 😉

  11. @Bokkepoot; Mooie reactie! Had al eerder weer willen reageren n.a.v. Jouw reactie op mijn reactie, waarin je schreef dat je de kerk allang verlaten had voor je uit de kast sprong! Eerlijk gezegd begrijp ik ‘die kast’ niet zo. Was gisteren een paar uurtjes bezig in mijn kerk en heb toen, voor alle zekerheid, even alle kasten gecheckt. Ik dacht: je weet maar nooit of er toch niet ergens, eenzaam en alleen, een homo in zit. Maar gelukkig, niemand gevonden… Maar mijn verzuchting werd vooral ingegeven doordat jij schreef dat je laatste herinnering aan jouw kerk een stel oudsten was, die om je heen stonden en die een paar demonen wilden uitdrijven… Waaruit ik de conclusie trok dat dat hun reactie was op jouw homo zijn, terwijl je later schrijft dat je pas na je kerkverlating uit de kast (alweer die kast) bent gekomen…, en dat je kerkverlating dus niks te maken had met de manier waarop jouw kerk erop reageerde… Dus, ik snap het nu niet meer, zoals ik ook niet snap waarom homo’s tegenwoordig uit de kast komen. In mijn jongere jaren was je gewoon wel of niet homo…

  12. @Bokkepoot: Goed stuk! En een mooie discussie bovendien.

    Aanvullend op je reactie naar Martijn: zelf zou ik graag zien dat we elkaar in de eerste plaats erkennen als mens. Bij ‘we zijn gelijk in Christus’ denk ik altijd: ja, maar de mensen die geen christen zijn dan? Zijn die dan minder gelijk? Mogen die wel uitgesloten worden? De essentie van ‘in Christus is noch man of vrouw, noch slaaf of meester’ is volgens mij dat die tegenstellingen er gewoon helemaal niet toe doen in het leven. Je zou ook kunnen zeggen ‘noch homo of hetero, noch christen of niet-christen’.

  13. @Johan: Nou, nou, nou. Nu ga je toch wel erg ver! 🙂

    Maar ff serieus: als je het zo leest, dan betekent het ‘in Christus’ weinig meer. Bij Paulus is dat natuurlijk wel verbonden met geloof en belijden. Ik deel natuurlijk je algemeen menselijke benadering, maar ik vermoed niet dat dat was wat Paulus bedoelde. 😉

  14. @Ettje

    Eerlijk gezegd begrijp ik ‘die kast’ niet zo. Was gisteren een paar uurtjes bezig in mijn kerk en heb toen, voor alle zekerheid, even alle kasten gecheckt. Ik dacht: je weet maar nooit of er toch niet ergens, eenzaam en alleen, een homo in zit.

    lol! 😀

    In mijn jongere jaren was je gewoon wel of niet homo…

    De uitdrukking uit de kast komen betekent gewoon dat je uitkomt voor je seksuele geaardheid, welke je daarvoor liever verborgen hield. Hoe dat vroeger ging weet ik niet, maar vandaag de dag is uitkomen voor een niet-heteroseksuele identiteit best ‘een dingetje’ – en zeker niet alleen in orthodox-christelijke kringen. En in sommige omgevingen kun je – zeker als man – maar beter gewoon lekker in de kast blijven zitten en hopen dat je nog een béétje hetero overkomt. Ik neem aan dat je dat allemaal wel weet, dus misschien begrijp ik je vraag niet helemaal?

    Maar mijn verzuchting werd vooral ingegeven doordat jij schreef dat je laatste herinnering aan jouw kerk een stel oudsten was, die om je heen stonden en die een paar demonen wilden uitdrijven… Waaruit ik de conclusie trok dat dat hun reactie was op jouw homo zijn, terwijl je later schrijft dat je pas na je kerkverlating uit de kast (alweer die kast) bent gekomen…, en dat je kerkverlating dus niks te maken had met de manier waarop jouw kerk erop reageerde… Dus, ik snap het nu niet meer, zoals ik ook niet snap waarom homo’s tegenwoordig uit de kast komen.

    Die verwarring begrijp ik wel, al heb ik niet gezegd dat die mislukte demonenuitdrijving mijn laatste herinnering aan mijn kerk was; ik zei dat het mijn laatste herinnering aan het thema ‘homoseksualiteit’ in mijn kerk was. Het was trouwens niet alleen de laatste, maar ook de enige herinnering m.b.t. dat thema… in acht jaar tijd.

    Maar ik merk wel dat ik de term ‘uit de kast komen’ op verschillende manieren gebruik, en ook dat ik achteraf soms meer waarde hecht aan de betekenis van allerlei gebeurtenissen, dan aan de chronologische volgorde ervan.

    Hoe het écht zit… ( 😉 )
    Ik ben rond mijn 16e al uit de kast gekomen, maar alleen voor mijn ouders, broer en zussen. In de jaren die volgde ben ik er zelf heel lang van overtuigd geweest dat mijn homoseksuele gevoelens het gevolg waren van een ‘geestelijke scheefgroei’ vanwege een mislukte jeugd, en dat ik later gewoon met een leuke meid zou trouwen en een gezin zou stichten. Het heeft écht pas tot na mijn 30e geduurd voor ik me realiseerde dat het me aangetrokken voelen tot mannen eigenlijk niet het grootste probleem was. Nee, het grootste probleem was dat ik sommige vrouwen best heel leuk, lief en mooi kon vinden, maar dat het gewoon niet in me opkwam me verder te bekommeren om wat er nog allemaal voor moois onder die leuke kleren te ontdekken viel. En dat ik in de enige echt serieuze relatie die ik ooit had met een meid, liever gezellig wilde kletsen terwijl zij onderhand van de bank af gleed. En dat ik het ergens in mijn achterhoofd stiekem toch wel een geruststellende gedachte vond dat wij als gelovig koppel niet aan seks voor het huwelijk deden… 🙄

    Afijn. Tussen mijn 22e en 30e zat ik in de kerk waar ik als laatste lid ben geweest. En in die acht jaar ben ik voor veel meer mensen uit de kast gekomen – als in: het toevertrouwen van een persoonlijk geheim – maar wel steeds individueel en alleen voor mensen die heel dicht bij me stonden. Oh ja, en voor de oudsten in mijn gemeente dus, toen ik die ene keer na de dienst achter bleef om voor me te laten bidden. 😐

    Zo rond mijn 30e ben ik definitief uit die kerk gestapt. Dat zag ik toen overigens als een daad van geloof. Dat geloof was ik dus zeker nog niet kwijt. En dat uit de kerk stappen had verder ook niets met mijn homoseksualiteit van doen.

    Vanaf die tijd is het allemaal steeds meer gaan wringen. Mijn relatie ging uit, puur omdat we beiden beseften dat er ‘iets miste’ van mijn kant. En het verlangen naar iemand waar ik me wél echt toe aangetrokken zou kunnen voelen werd steeds sterker. En ik ging me meer en meer verdiepen in de vraag hoe God tegen mijn homoseksualiteit aankeek. Terwijl ik onderwijl – en dat stond dan weer los van mijn worsteling met mijn seksualiteit – steeds meer ging twijfelen aan het bestaan van God zelf.

    Op mijn 35e kwam alles min of meer samen. Ik heb toen de knoop doorgehakt, mijn geloof aan Maarten gegeven, de pijp erbij neergegooid en het bijltje aan de wilgen gehangen. En mijn homoseksualiteit omarmt als onlosmakelijk deel van mijn identiteit, in plaats van het met me mee te zeulen als een verborgen gebrek. Een paar maanden later, op mijn 36e, ben ik ook daadwerkelijk uit de kast gestapt voor de wereld om me heen. En op deze periode doel ik dus als ik het heb over het uit de kast komen, omdat dit een totaal andere ervaring teweeg bracht dan toen ik slechts een geselecteerd groepje mensen deelgenoot maakte van mijn verborgen, zondige verlangens. 😉

    Overigens blijf ik regelmatig uit de kast stappen, aangezien mijn seksuele voorkeur niet op mijn voorhoofd schijnt te staan en je in dat geval gewoon hetero bent tenzij anders aangegeven. En regelmatig stap ik die kast ook weer in. In sommige publieke ruimtes bijvoorbeeld. Of bij vreemden die ik niet meteen kan peilen. Of op mijn werk bij bepaalde cliënten, omdat ik weet dat ik anders niet meer goed kan functioneren. Toen ik net ‘officieel’ uit de kast was vond ik dat nog heel vervelend, maar inmiddels niet meer zo. Juist omdat het voor mezelf steeds minder een onderwerp is en ik zekerder ben van mijn eigen seksualiteit, doet het er voor mij ook minder toe als ik bepaalde kanten van mezelf een beetje moet ontwijken. Daar kies ik dan ook bewust voor, al zal ik er niet zo snel over liegen als iemand me rechtstreeks vraagt ‘hoe het zit’.


    Goed, ik hoop dat je hier uit kan halen wat je nodig had aan ontbrekende informatie. 😀

  15. @Johan

    Aanvullend op je reactie naar Martijn: zelf zou ik graag zien dat we elkaar in de eerste plaats erkennen als mens.

    Nou ja, eigenlijk denk ik dat Martijn dat dus ook bedoelt. Maar dat hij door het enigszins gebruik van bepaald jargon onbewust raakt aan het christelijke gedachtegoed over homoseksualiteit als ‘onware identiteit’. Ik heb geprobeerd dat een beetje te schiften, juist omdat ik denk dat hij in diepste zin niets anders bedoeld dan: ‘laten we als uitgangspunt nemen wat ons samenbindt, niet wat ons scheidt’.

    Dan maakt het verder niet zoveel uit of je dat verwoord als ‘we zijn in de eerste plaats mens’, of ‘we zijn allemaal in de eerste plaats lid van club X’ of ‘we zijn in de eerste plaats christen’.

    De essentie van ‘in Christus is noch man of vrouw, noch slaaf of meester’ is volgens mij dat die tegenstellingen er gewoon helemaal niet toe doen in het leven. Je zou ook kunnen zeggen ‘noch homo of hetero, noch christen of niet-christen’.

    Zie @Wilfred. 🙂

    Nou ja, ik weet gewoon niet wat dit betekent. Ik kan ook niet zoveel met de gedachte dat ‘die tegenstellingen er gewoon helemaal niet toe doen in het leven’. Dat ligt er maar net aan in welke context je dat zet.

  16. @Wilfred: Paulus was gewoon een verstokte fundamentalist. 😉 Maar ik kan er wel een theologische draai aan geven, zodat het plaatje weer klopt. De betekenis van Christus – en het ‘in Christus’ zijn – is dat de mens hersteld wordt in zijn relatie met God en zo zijn oorspronkelijke bestemming vindt. De harmonie wordt hersteld – tussen God en mensen en tussen mensen onderling. Juist een christen die de diepte hiervan begrijpt zal nooit afstand kunnen scheppen met niet-christenen, want in Gods bedoeling zijn we allemaal kinderen Gods, ook al verschilt misschien de mate van openbaring.

    @Bokkepoot: Ik zal het anders formuleren: er zijn verschillen en die doen er ook toe, maar die hoeven ons niet uiteen te drijven. En ja, ik denk dat Martijn dat ook bedoelt, maar ik maak de ‘box’ liever wat groter om nieuwe uitsluitingen te voorkomen.

  17. @Johan:

    Juist een christen die de diepte hiervan begrijpt zal nooit afstand kunnen scheppen met niet-christenen, want in Gods bedoeling zijn we allemaal kinderen Gods, ook al verschilt misschien de mate van openbaring.

    Mooie draai! Ik geef je een 8,2. Maar jij hebt natuurlijk al kunnen oefenen met het huppelen in de Geest. 😉

    Ik denk wel dat die draai alleen mogelijk is voor christenen die de bijbel niet-fundamentalistisch lezen. Anders blijf je natuurlijk wel gewoon zitten met alle teksten waarin wel onderscheid wordt gemaakt tussen ‘binnen’ en ‘buiten’ (denk b.v. bij Paulus aan 1Kor. 5: 12, 13). Wel jammer dat Paulus’ zelf niet begreep wat hij ten diepste bedoelde. 😉

  18. @Ettje

    Je blijft toch ook niet je boodschappen doen bij een supermarkt waar ze bedorven voedsel verkopen, waar je ziek van wordt?! Waarom niet verder gekeken dan je neus lang is, en het geloof behouden? Scheelt een berg frustraties! Noemen ze ook wel psychhygiëne!

    Deze vergelijking, je reactie, vind ik persoonlijk niet veel te maken hebben met psychohygiene.

    Het is slecht te vergelijken met boodschappen doen. Je bent in je kerk en op je werk niet slechts een consument. Er ligt namelijk op die werk/kerkplek een groot stuk persoonlijke investering in relaties en persoonlijke ontwikkeling.
    Dat laat je niet zomaar achter en ik ben eerlijk gezegd geen voorstander van een consumptieve mentaliteit zonder persoonlijke betrokkenheid in een kerk of op een werkplek.

    Opvallend is dat een autoritair regime, of het een kerk of je werk betreft doet eigenlijk niet ter zake, het graag heeft dat je vertrekt omdat een autoritair regime niet van binnenuit wil veranderen. Juist niet.
    Jouw stelling (ga liever weg) voedt dus een autoritair regime.
    Met mijn aangeboren autoriteitsconflict heb ik er veel moeite mee om een dergelijk systeem te voeden door weg te gaan.

    Ik zal eerder strijden dan vertrekken, en als het echt niet anders kan, dan zal ik vertrekken, maar ik moet er wel alles aan gedaan hebben om de boel bespreekbaar te maken.
    Uiteindelijk kan het heel goed zijn om als vluchteling je werk of je kerk te moeten verlaten om elders een warme plek te vinden omdat overleven niet mogelijk is.
    Dat begrijp ik, want je kan jezelf letterlijk en figuurlijk doodlopen tegen een harde muur.
    Die grens trekken vind ik lastig, maar weggaan is niet een eerste en ook niet de beste optie.
    Je stelling vind ik in dat opzicht te stellig.

    Toen er problemen waren in de gemeente waar ik kerkte heb ik deze goedbedoelde opmerking vaak gehoord (altijd van buitenstaanders),: “waarom ga je niet naar een andere kerk”.
    Toen ik het een stuk minder leuk begon te vinden op mijn werkplek kreeg ik ook vaak de goedbedoelde aanrader van anderen (altijd van buitenstaanders): waarom zoek je geen ander werk”.

    Het geeft te denken dat deze opmerking vaak door buitenstaanders gebezigd werd. Ik vind dat heel opvallend.

    Collega’s die net als ik het moeilijk hadden (en hebben) onder het regime hoorde ik weinig zeggen dat men op zoek was naar een andere plek om te werken.
    De allereerste focus lag namelijk op het herstel BINNEN de situatie, het leefbaar maken van de situatie op die werkplek. Weggaan is door betrokkenheid heel moeilijk.

  19. @Johan

    De betekenis van Christus – en het ‘in Christus’ zijn – is dat de mens hersteld wordt in zijn relatie met God en zo zijn oorspronkelijke bestemming vindt. De harmonie wordt hersteld – tussen God en mensen en tussen mensen onderling. Juist een christen die de diepte hiervan begrijpt zal nooit afstand kunnen scheppen met niet-christenen, want in Gods bedoeling zijn we allemaal kinderen Gods, ook al verschilt misschien de mate van openbaring.

    Welke voorstelling heb je hier zelf van?

    “De harmonie wordt hersteld”, dat klinkt prachtig maar juist omdat je Paulus aanhaalt is het een beetje een slap en vaag verhaal. Echt een evangelische dooddoener, maar hij klinkt mooi 🙂

  20. @Bokkepoot; Dank voor je aanvullende informatie. Ook al heeft het me er niet van overtuigd dat het ene, de manier waarop de kerk omging met je homo-zijn en het verliezen van je geloof, niets met elkaar te maken hebben.

    @Rob; Niets is ongezonder dan blijven trekken aan een dood paard! Maar oké, als dat jouw keuze is, dan moet je dat vooral blijven doen!

  21. @Ettje
    Tussen het blijven trekken aan een dood paard en gaan shoppen ligt een wereld. Het is zo makkelijk gezegd:”dan ga je toch ergens anders kijken”
    Doe je dat ook als het ff tegenzit in je huwelijk. 🙂

    Voor de 1 ligt de grens een stuk verder dan bij de ander en dat heeft met een hoop factoren te maken. Om daar nou een label aan te hangen van psychohygiene gat mij een tikkeltje te ver..
    In het kader vd psychohygiene zou ik overigens niet meer op je moeten reageren, je zal het overduidelijk niet begrijpen, zo te zien aan je reactie =dood paard)

  22. @Ettje

    Dank voor je aanvullende informatie. Ook al heeft het me er niet van overtuigd dat het ene, de manier waarop de kerk omging met je homo-zijn en het verliezen van je geloof, niets met elkaar te maken hebben.

    Ik denk dat ik die vraag ook niet echt in je reactie heb gelezen. Je vroeg je af waarom homo’s uit de kast moeten komen, en je was in de war omdat ik pas uit de kast kwam nadat er voor me was gebeden.

    Nou ja, ik begreep eigenlijk niet zo goed wat je vraag precies was. Vandaar dat ik toen mijn hele verhaal nog maar eens heb neergekwakt, om uit te leggen:

    a) waarom homo’s uit de kast komen (en er ook daarna nog geregeld in en uit kunnen springen);
    b) dat ik in het ‘uit de kast komen’ meerdere stadia door heb gemaakt, nml. 1 – anderen vertellen dat ik last heb van ‘verkeerde gevoelens’, 2 – me realiseren dat homoseksueel zijn meer is dan alleen maar die gevoelens hebben, en 3 – mijn homoseksualiteit positief omarmen als onlosmakelijk deel van mijn identiteit, en zo ook de buitenwereld tegemoet treden;
    c) dat mijn kerkverlating veel later was dan – en ook niets te maken had met – die ‘duiveluitdrijfsessie’ of mijn homoseksualiteit.

    Van punt c ben je nog niet overtuigd. 🙂
    Nou goed, nog een poging dan maar:

    Ik was altijd al een geloofstwijfelaar geweest. Daarnaast, al komt dat misschien niet helemaal naar voren in mijn eerdere verhaal hierboven, zat ik zelf een groot deel van mijn twintiger jaren helemaal niet zo bewust met mijn homoseksualiteit in de knel. Dat ik er echt mee ging worstelen was eigenlijk toen ik al lang en breed uit de kerk was. Het was natuurlijk wel een probleem, maar min of meer op de achtergrond. Af en toe kwam het naar voren, zoals die keer dat ik voor me liet bidden.

    Speelt ook mee dat ik mezelf in die tijd als min of meer biseksueel labelde. En ja, dan ben je als orthodox-christen dus gewoon ‘een hetero die worstelt met homoseksuele gevoelens’. Afgekort als: hetero. Want die homoseksuele gevoelens zaten verder alleen maar in mijn hoofd, dus. Ik had dat als het ware allemaal geblokkeerd en weggestopt in het mapje ‘persoonlijke problemen’.

    Mijn geloofstwijfels gingen echt over andere dingen. De reden dat ik uit de kerk stapte heeft echt *niets* met mijn homoseksualiteit te maken. Ik had op dat punt ook exact hetzelfde gedachtegoed als mijn kerk, en het is, nogmaals, dus *niet* de reden van mijn kerkverlating.

    Volgende hoofdstuk: mijn homoseksualiteit is ook niet de reden van mijn geloofsafval. Het heeft wel grote invloed gehad op het proces, maar mijn eigen veranderende ideeën over homoseksualiteit zijn slecht een onderdeel van een veel groter pakket aan twijfels en veranderende inzichten m.b.t. het christelijk geloof. Waar mijn geloofstwijfel en mijn worsteling met mijn seksualiteit uiteindelijk samen kwamen, was op het moment dat ik op het laatst de knoop doorhakte en een keus maakte om het laatste beetje geloofstwijfel bewust los te laten, en mijn homoseksualiteit te omarmen als onderdeel van mijn hele identiteit.

    Als ik echt alles zou moeten opschrijven over mijn worsteling met de kerk en mijn geloofsleven, met daarnaast mijn worsteling m.b.t. mijn homoseksualiteit, dan wordt dat een verhaal dat tien keer langer en ingewikkelder is dan het hele verhaal wat ik al eerder opschreef. Ga ik dus niet doen – maar als je nog specifieke vragen hebt, hoor ik dat graag. 😉

    Toch nog even samengevat: nee, ik ben niet uit de kerk gestapt vanwege de worsteling met mijn homoseksualiteit. En het heeft mijn geloofsafval zeker versneld, maar is ook daar niet de hoofdreden van.

  23. @Ettje

    Met het risico dat ik met mijn neurotische drang om alles maar te willen ontrafelen het alleen maar ingewikkelder maak: ja natuurlijk is er wel een verband tussen het een en ander. Het zijn twee processen geweest die beiden alles te maken hebben met wie ik ben, en die beiden een enorme invloed hebben (en hebben gehad) op mijn zelfbeeld en levensvisie.

    Maar dat verband is niet dat ik de kerk uit ben gevlucht, of van mijn geloof ben gevallen, omdat ik niet overweg kon met mijn homoseksualiteit.

  24. Oké! Denk dat ik je snap! Al snap ik dan nog niet je reactie op Maarten en Martijn!

  25. @Ettje

    Oké! Denk dat ik je snap! Al snap ik dan nog niet je reactie op Maarten en Martijn!

    Doel je op het stuk waarin ik beaam dat homo’s de kerk verlaten?

    Het klopt wel wat daar staat, hoor. Ik haakte in op de opmerking van Martijn dat homo’s de kerk verlaten als ze het gevoel krijgen dat ze niet meer welkom zijn:

    Klopt. En ik ben blij dat ik er weg ben gegaan. En ook blij dat ik van mijn geloof gevallen ben. Ik had dat echt nodig om meer tot mezelf te komen en vooral: los te komen van wat anderen denken over hoe ik zou moeten zijn.

    Ik wilde hier inhaken op wat Martijn zei, maar het ging mij hier niet zozeer om het verband tussen homo-zijn en het verlaten van de kerk, maar om het loskomen van wat anderen denken over hoe ik zou moeten zijn.

    Maar: of ik nu wel of niet vanwege mijn homoseksualiteit de kerk uit ben gegaan doet er volgens mij ook helemaal niet toe. Misschien heb ik dat nog niet eerder duidelijk gemaakt, maar ik zie mijn ‘geloofsafval’ als een misschien nog wel belangrijker gebeurtenis dan mijn coming out. En achteraf zie ik het allemaal ook wel als een geheel: ik wil vrij kunnen denken, leven en doen vanuit de huidige werkelijkheid waarin ik leef, en daar hoort wel mijn homoseksualiteit bij, en niet het leven volgens een 2000 jaar oud boek, onderwijl dansend naar andermans pijpen binnen een religieus kader.

  26. @Ettje

    Achteraf zie ik het ook allemaal wel als een geheel: mijn kerkverlating, het loslaten van mijn geloof, het omarmen van mijn seksuele identiteit en de innerlijke verandering die dit teweeg bracht. Dus zo praat ik er misschien ook vaak over, alsof het bij elkaar hoort.

    Maar omgekeerd werkt het dus niet wanneer iemand zich afvraagt waarom ik geen alternatieve kerk heb uitgeprobeerd, of waarom ik niet gewoon geloof zoals Justin Lee: 100% christen en 100% praktiserend homoseksueel. Dan zeg ik: sorry, ook al was het Adam en Evert geweest zou ik niet in de kerk zijn gebleven en was ik dat geloof óók wel kwijt geraakt.

  27. @Rob; Leuk, die opmerking over m’n huwelijk. Ben dit jaar 50 jaar getrouwd. Maar helaas is mijn geliefde overleden!

    Trouwens, gaan shoppen als een kerk je niet bevalt is iets anders dan je heil ergens anders zoeken als je geestelijke gezondheid in de knel komt.


  28. ‘Dan zeg ik: sorry, ook al was het Adam en Evert geweest zou ik niet in de kerk zijn gebleven en was ik dat geloof óók wel kwijt geraakt.’

    Ik denk dat er na Adam en Evert een existentieel probleem zou geweest zijn, laat staan een geloof dat je zou kunnen verliezen 🙂

  29. *proest* 😀


    Jeetje zeg, dan had God heus wel een draagmoeder geregeld ofzo hoor, inclusief bezoekregeling. Pfff… wat doen mensen soms moeilijk tegenwoordig. Bah. Homofoob! 😡

  30. @Ettje,

    @Rob; Niets is ongezonder dan blijven trekken aan een dood paard! Maar oké, als dat jouw keuze is, dan moet je dat vooral blijven doen!

    @Rob; Leuk, die opmerking over m’n huwelijk. Ben dit jaar 50 jaar getrouwd. Maar helaas is mijn geliefde overleden!

    Dit is je eigen woordkeuze 😉

    IIK heb je geprobeerd uit te leggen dat sommige keuzes niet zo eenvoudig zijn en sommige keuzes leveren alleen maar verlies op, of je nu links of rechtsaf gaat: een dood paard.

Reacties zijn gesloten.